De snelle afhankelijkheid van digitale diensten tijdens de pandemie bracht een probleem aan het licht waar leraren al tientallen jaren mee worstelen, namelijk de slechte interoperabiliteit tussen de administratie van de instelling en de technologieën die het onderwijs ondersteunen. Tijdens lockdowns kwamen digitale oplossingen centraal te staan en bleek duidelijk hoe moeilijk het was om te proberen alle verschillende onderwijsoplossingen samen te brengen zonder dat leraren uren verloren aan administratie.
Nu is integratie tussen technologieën essentieel. Voor de meeste instellingen is het LMS het hart van het ecosysteem. Van tools voor samenwerkend leren tot beoordelingsoplossingen, alle mogelijkheden moeten worden geïntegreerd met het LMS. Daarom is er een evenwicht nodig tussen het experimenteren met nieuwe technologieën en het benutten van het bestaande ecosysteem.
Er zijn verschillende benaderingen om dit evenwicht te vinden, maar elk model moet nieuwe software evalueren op de interactie met het grotere ecosysteem. Dit is een essentiële bestuursfunctie en moet ook mensen uit de onderwijswereld omvatten die de mogelijkheden en beperkingen van voorgestelde innovaties kunnen communiceren.